• mijmeren op vakantie
  • kampioen met turnen
  • tekening anouar

Verbinden/dragende banden

 In één van haar gegeven presentaties, heeft Herma het werk van het gezinshuis getypeerd met een 'Spin in het web'.

 Met het opgenomen kind wordt verbinding gemaakt door de relatie aan te gaan; dit is voor ons de eerste dragende band. Wat we doen is méér dan opvoeden. We 'dragen' het kind en verdragen zijn/haar gedrag. We zijn gericht op behoefte vervulling die onder gedrag aanwezig is.

Met de natuurlijke ouders van het kind, wordt tevens de verbinding gemaakt ('de draad gesponnen'). Dit is voor ons de tweede dragende band. Met deze 'dragende banden' tussen opvoedende ouders en natuurlijke ouders,  ervaart het kind dat het er mag zijn zoals het is en dat het mag wonen in het gezinshuis en zijn of haar ouders dat goed vinden. Het kind kan zich veilig voelen, verwerken wat hem of haar overkwam en zich ontwikkelen met zijn aangeboren talenten en krachten. Kinderen die veel mee maken hoeven geen willoze slachtoffers te worden, maar blijken vaak als ze zich gedragen en gerespecteerd voelen, sterke personen te zijn, die er bovenop kunnen komen. De 'dragende band' tussen natuurlijke ouders en opvoedende ouders is daarbij cruciaal.

Het 'verbinden' krijgt wat ons betreft ook vorm in het 'helpers systeem'.  Met alle betrokken hulpverleners is een collegiale relatie belangrijk, waarin het kind centraal staat en waarin we aanvullend op elkaar werken. Dit is voor ons de derde dragende band. Wij, kinderen, ouders, hulpverleners, zijn niet op zichzelf staande 'elementen'. De hulpverlening wordt dáár effectief, waar we ons richten op de interactie, datgene wat tussen mensen gebeurt.

 Het verbindende in ons (levens)werk, maakt dat wij ons ook doorlopend (door) ontwikkelen.